In de annalen over Rembrandt staat vermeld dat hij in 1637 in een pakhuis aan de Bloemgracht atelierruimte huurde om plaats te bieden voor zijn leerlingen. Op het hoogtepunt van zijn schilderscarrière had Rembrandt ongeveer 25 leerlingen aan het werk.

Er wordt nog hier en daar gesuggereerd dat Rembrandt dit atelier nog steeds had toen hij in 1658, vanwege zijn faillissement, het Rembrandthuis aan de Jodenbreestraat moest verlaten en met Titus, Hendrickje en de kleine Cornelia een huurwoning aan de Rozengracht betrok.

Het aantal leerlingen was enorm teruggelopen omdat de ‘markt’ inmiddels een andere stijl wenste zoals de fijn schilderijen van Govert Flinck en er kwamen voor Rembrandt minder opdrachten. De laatste leerling die nog in de stijl van Rembrandt werkte was Aert de Gelder. Die kon zich dat ook veroorloven omdat hij van huis uit niet onbemiddeld was.

Rembrandt schilderde zijn beroemdste schilderij “De Nachtwacht” tussen 1639 en 1642.

, ,